15 – Désiré Samuel van Zuiden, geschiedschrijver van Joods Den Haag

Luister naar de audio versie van deze pagina

Den Haag, 4 maart 1881 – Den Haag, 13 juli 1941

Zijn ouders zijn Benjamin van Zuiden en Dorothea Catharina Courlander.

In 1904 trouwt hij met Julie Bosman en ze krijgen 2 zonen, Bernhard en Philip. Ze wonen aan de Van Imhoffstraat in Den Haag.

De geboren en getogen Hagenaar Van Zuiden is archivaris van beroep. Al tijdens zijn werkende leven richt hij zich als amateur-historicus op de Joodse geschiedschrijving, met name van de Joden en de Joodse gemeenschap in Den Haag. In 1913 publiceert hij De Hoogduitsche Joden in ’s Gravenhage vanaf hunne komst tot op heden. Hij schrijft over dit onderwerp talrijke artikelen. Daarnaast schrijft hij een aantal andere inmiddels bekende naslagwerken, waaronder De namen der Haagsche Joden in 1922 en Een bewogen tijdperk binnen de Joodsche Gemeente in Den Haag (1828-1830).

Voor Joodse bezoekers aan Den Haag is hij een steeds hulpvaardige en voorkomende gids. Ongetwijfeld heeft hij ook mensen rondgeleid op de begraafplaats.

In 1930 wijdt hij een artikel aan het verdwijnen van het Jiddisch onder Nederlandse Joden.

Hij verdiept zich ook in de geschiedenis van het bankiershuis Boas, dat in de 18de eeuw een belangrijke rol speelde in het culturele leven. In 1939 publiceert hij nog een genealogie van het geslacht Boas. De oprichter van de bank, Tobias Boas (1696-1787) ligt eveneens begraven op de Joodse begraafplaats.

Van Zuiden is lid van het Genootschap voor de Joodse Wetenschap. Als trouw bezoeker van de bijeenkomsten van dit genootschap wijst hij op het belang van het verzamelen en zorgvuldig bewaren van stukken over de geschiedenis van de Joden in Nederland. Ook over Joden in het buitenland publiceert hij, in het bijzonder over hun prestaties op het terrein van de kunsten.

Van Zuiden overlijdt op 60-jarige leeftijd tijdens de Duitse bezetting. Zijn echtgenote zou de oorlog overleven, nadat ze via onder meer Barneveld, Westerbork, Theresienstadt en Zwitserland weer terugkeert in Den Haag, bij haar zoon Philip en diens vrouw. Hun andere zoon Bernard is al voor het uitbreken van de oorlog naar Nederlands-Indië vertrokken.

Van het gezin Van Zuiden is een dossier voor geroofde inboedels aanwezig op het Gemeentearchief van Amsterdam. Uit het dossier is bekend dat er een claim is ingediend voor vergoeding van geroofde effecten of waardepapieren en
waardevolle voorwerpen ingeleverd bij de roofbank Lippmann-Rosenthal.

Bronnen: 

  • Joods Monument
  • NIOD
  • J. van Zuiden-Bosman: Herinneringen aan Westerbork en Theresienstadt